taalpathologie
In de aanloop naar het verschijnen van het Grote Soepboek stuit ik in de Dikke Digitale op een schitterend woord:
taalpathologie
taal•pa•tho•lo•gie
de (v.)
1 richting binnen de taalkunde die gestoord taalgedrag bestudeert
gestoord taalgedrag. En de krokussen in de geveltuin staan ook nog eens in bloei. Wat heerlijk allemaal!