VK 19 april 2010. De gedoodverfde Nobelprijswinnaar Kader A. (Niemand kan hem stoppen) staat weer op de zeepkist. En wij, zijn trouwe volgers, hangen weer aan zijn lippen. Dat er zoveel wijsheid in 1 mens kan! Meemaken, erbij zijn!
Kader is in Amerika. Het valt hem op dat daar ook mensen wonen en studeren met een ‘mooie donkere huidskleur’. Hij zegt er niet bij waarom, maar hij schrijft hun namen op en vervolgt: ‘De klas was benieuwd waarom ik de namen van sommige studenten noteerde, maar de namen van anderen niet. Ze zouden nooit kunnen begrijpen dat huidskleur en afkomst in Nederland een ‘issue’ kunnen zijn. Scherp gezien! In Amerika heb je namelijk geen racisme. Ja vroeger, toen Roots nog op tv was. Maar sinds koning Obama zijn volk toesprak met de woorden: ‘en nou ophouden, rotjongens. We zijn toch allemaal gelijk, ja waar of niet dan?’ kun je als zwarte jongen gerust op een boerderij in Alabama aanbellen voor een glas water. In the southbronx en South Central LA (de vogelaarwijkjes van Amerika) spelen zwarte en blanke kleuters gezellig samen in de zandbank. Daar kunnen wij nog van leren!
“Niemand veroorlooft zich om de volgende grove opmerking te maken: ‘Oh wat spreek je goed Engels. Hoe lang woon je al in Amerika?’ Dat doen wij in Nederland.” Ik heb dat eerlijk gezegd nooit iemand horen zeggen. Niet in Nederland. Maar ik kom ook wel eens in Amerika. En als je daar een kwartier van de luchthaven een bar binnengaat, is de eerste vraag die je gesteld wordt: ‘where are you from?’ Het aardige is natuurlijk dat degene die het vraagt ook ergens from is. En zo heb je al snel een leuk gesprek met een Libanees, een Hagenees, of een Albanees die Albany (NY) nooit uit is geweest. Basale menselijke nieuwsgierigheid vs. grove desinteresse in iemands achtergrond. Ik weet wel wat ik leuker vind.
In de 21ste eeuw zijn we in dit land nog altijd bezig met achterlijke termen als allochtoon en autochtoon. Pas twee maanden geleden hebben we een stap vooruit gezet en proberen we het woord ‘nieuwkomers’ te gebruiken.
Twee maanden? In mijn Dikke van Dale (uit 2000) staat onder het lemma ‘nieuwkomer’
1 nieuwaangekomene
1 a (eufemistisch) allochtoon
Oude wijn in ouwe zakken dus. Potetos potatos tometos tomatos. Wie gelooft nog dat de onrust in PVV-gelederen tot bedaren kan worden gebracht met potjes taalzalf? Voor alle duidelijkheid: ik denk ook dat Amerika beter omgaat met het verschijnsel ‘nieuwkomer’. Maar laten we niet doen alsof je na de landing op LAX of JFK met versgebakken appeltaart wordt opgewacht door de Waltons. Daarvoor moet je bijvoorbeeld eerst langs de US Customs, die iedereen zonder Amerikaans paspoort aan een kruisverhoor onderwerpen. Guilty until proven innocent. Los van de huiveringwekkende politieke correctheid aan de oost- en westkust zijn de beginselen van de apartheid nergens met zoveel succes in de praktijk gebracht als in de Amerikaanse steden en op Amerikaanse scholen. Berkeley is wat dat betreft misschien toch net even anders dan Oxford Mississippi.
Direct na de nieuwkomerszin slaat Kader toe met een techniek die in de filmwereld bekend staat als ‘harde montage’:
‘Europa is oud geworden. Europa interesseert de studenten niet meer, ze zien hun toekomst daar niet liggen. De Europeanen kunnen niet meer een iPhone of iPad ontwikkelen, of iets als internet bedenken. Een Europeaan kan het niet meer in zijn hoofd halen om een wandeling op Mars te gaan maken. Europa is bang en reactief geworden.’
Een passage met een hoog is-dat-nou-wel-zo?-gehalte. Nee, wij kunnen geen iPhone of iPad meer ontwikkelen. Altijd lastig: iets bedenken dat al bestaat. De Amerikanen kunnen de bugaboo niet meer uitvinden evenmin als een zeewering die het water ook daadwerkelijk buiten de dijken houdt. Als het op verpissen aankomt, winnen de Amerikanen ongetwijfeld. Maar om daar de conclusie uit te trekken dat Europeanen bang en reactief zijn? Er is een brede stroom aan publicaties en documentaires (denk aan ‘culture of fear’, of aan Bowling for columbine) die de oorsprong van de inmiddels wereldwijde angst voor van alles en nog niks in de Amerikaanse schoot werpt. En terecht. Amerika is bij uitstek een land waar de angst voor alles wat afwijkt van de witte anglosaksisch protestante kern der natie welig tiert. Als je kinderen in Amerika naar een kinderfeestje gaan, moet je een disclaimer ondertekenen waarin je de ontvangende partij vrijwaart van verantwoordelijkheid voor het geval je kind zich verslikt in z’n cholesterolvrije cheesecake. Geen wonder dat die studenten niet naar Europa willen. Levensgevaarlijk!
Nou kost het nooit veel moeite om Kader te betrappen op wankele argumentatie, slappe bewijsvoering, gebrekkige feitenkennis en onnozelheden. Daar maak ik me alleen maar vrolijk over, zoals je je vrolijk maakt over die Haagse Kees die je soms in discussieprogramma’s op tv ziet. Maar wat mij verbaast is dat Kader (Dr. honoris causa!) klaarblijkelijk in de veronderstelling verkeert dat hij scoort met zijn ‘kritische’ blik op Europa iha en Nederland in het bijzonder. Iedere andere columnist die week na week zulke flagrante lulkoek over de pagina uitsmeert, zou na twee maanden een bedankbriefje krijgen. Zoniet Kader. Ik kan daar twee redenen voor bedenken. 1. Niemand leest zijn column en wie dat wel doet, doet dat alleen om eens een keer lekker te lachen. 2. Eigenlijk vindt de Volkskrantlezer het wel lekker, om zichzelf eens flink te laten bekakken door die exotische man met zijn woeste snor en charismatische blik. Ik neig naar het laatste. De blinde adoratie die veel ‘lezers’ voor Kader koesteren, is niks anders dan vermomde zelfhaat. De neiging om alle verworvenheden van de eigen cultuur te ridiculiseren en alles te verheerlijken wat naar kaneel en verse munt ruikt. De VK-lezer schaamt zich voor Wilders en voor de heilloze weg die hij is ingeslagen. Sterker nog: hij voelt zich medeschuldig aan de bodem van haat en angst waar het Wildersplantje het zo goed op doet. En schuld vraagt om boete. Et voilà: Kaders gat in de markt. Daar komt natuurlijk nog bij dat je in de nadagen van de goed-foutdiscussies uit de voorbije decennia liever aan de veilige kant blijft. Voor je het weet krijg je het verwijt om je oren dat je haat zaait en Wilders in de kaart speelt. Wie wil dat? Ik niet. Ook ik distantieer me zoveel mogelijk van het ‘gedachtegoed’ van de PVV. Maar ik weiger natuurlijk om me bij wijze van aflaat over te geven aan het geraaskal van een boeteprediker als Kader A.
De column van Kader gaat nog verder. Hij heeft (weer eens) een visioen. Visioenen hoeven geen verband te houden met de waarneembare werkelijkheid. Dat is het mooie van visioenen. Quote:
‘Maar ik heb goed nieuws. De zonen en dochters van de immigranten werken hard, om Nederland mooier te maken dan het is. Ze denken aan topfuncties bij Shell, Philips en Heineken (sic!!) en ze zullen binnen vijftien jaar als ministers van Buitenlandse Zaken, Financiën, Binnenlandse Zaken en Justitie optreden. De tijd van Balkenende is voorbij, de tijd van Geert Wilders is al decennia voorbij. Ik ken enkele jonge slimme immigranten met een donkere huidskleur die hun vizier hebben gericht op het Torentje (sic!!)
Met vizier zal hij wel een ‘klep of schuif ter afsluiting van de openingen van een helm’ bedoelen en geen ‘richtmiddel, inrichting of toestel op de loop van een schietwapen waar men langs of door ziet om te richten’. In het laatste geval hopen we maar dat de AIVD die jongens op tijd in de smiezen heeft. Hoe dan ook: het klinkt manhaftig. Als het jongens met een degelijke opleiding en de benodigde kwalificaties zijn, wens ik ze oprecht succes. En als er immigranten of oudkomers met een lichte huidskleur zijn die het ook denken te kunnen, dan mogen die wat mij betreft ook gerust een poging wagen. Dat de beste moge winnen.
Tot besluit van zijn wekelijkse rondje luchtfietsen gaat hij nog kort in op zijn buitencourantse schrijverschap: ‘in die sfeer gaat Kader Abdolah het Boekenweekgeschenk 2011 schrijven. // Hij is vereerd en wil het mooiste Boekenweekgeschenk ooit schrijven. // Hij ziet het als zijn plicht en hij gelooft in Nederland.’
Onnodig te zeggen dat wij van Maggi ons daar nu al op verheugen.